Besprek ‘Een mistval om het rumoer’ fan Jan Kleefstra

logo.ensafh

De poëzie van Kleefstra maakt een verstilde, onthechte indruk. De overweldigende aanwezigheid van de natuur komt op de eerste plaats. ‘Het komt zichzelf telkens weer te boven / het bos’; ‘Weet dat het veen in je hand / nooit zonder gedachten is’; ‘in een handvol uitgekauwde / zuring wordt sneeuw regen’. Toch vertelt de dichter een heel persoonlijk verhaal. Er zit een duidelijke opbouw in de verschillende afdelingen. In ‘De wind wakker’ wordt de blik op de dichter zelf gericht. Zie bijvoorbeeld ‘de kleine schrijver’ in het zojuist aangehaalde gedicht. Of wranger: ‘Ieder vol geschreven blad // zou prooi / voor de ondoofbare vlam // van mijn weerzin moeten zijn’. In ‘Een mistval om het rumoer’ is sprake van een ‘we’ en van romantische fragmenten als ‘Het gras / dat we stil hebben uitgekleed’. In ‘De stille berk’ lijkt sprake van een worsteling: ‘schuld vereenzelvigt zich niet met liefde / pelt geen onrijpe vruchten voordat / het jaar voorbij is’.

Lês fierder by Eric van Loo op Meandermagazine

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *