Het is niet eerlijk: in sommige talen kun je amper je mond opendoen zonder te rijmen, in andere talen is het zwoegen om rijmkoppels te vinden. Hoe hebben liedtekstschrijvers en traditionele dichters dat opgelost?
Laat ik eerst even toelichten dat ik het hier over volrijm heb, het klassieke type dat we in het Nederlands meestal kortweg ‘rijm’ noemen: denken – schenken, Sinterklaas – pieterbaas, dat werk. Daarvan is sprake als de laatste beklemtoonde klinker én alle daarop volgende klanken van de rijmwoorden gelijk zijn, terwijl de medeklinker ervóór juist verschillend is; ik sla nu even wat complicaties en subtiliteiten over.… Lês fierder